Coronacris en het recht (deel 15)

Critici coronabeleid juridisch stekeblind

J.G. Brouwer

De kritiek die de afgelopen twee weken over het kabinet werd uitgestort is niet mals. Wie de krantenkoppen en commentaren leest, denkt op z’n minst dat het kabinet zit te slapen.

Om maar een paar voorbeelden te noemen. ‘Winkeliers snakken naar duidelijkheid.’ Het kabinet moet een algehele mondkapjesplicht opleggen voor de publieke ruimte.

‘Kabinet grijpt hard in maar deinst terug voor een nieuwe lockdown.’ En dat is toch waar de voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care voor pleit. In sommige media is min of meer openlijk aangedrongen op het invoeren van een avondklok.

Het inmiddels overbekende Red Team vindt zelfs dat het kabinet per direct het ontvangen van bezoek thuis dient te verbieden.

Een en ander vormt voor ons aanleiding om de omgekeerde vraag te stellen: zijn het niet de critici die zitten te snurken? Is het hen ontgaan dat er de afgelopen zes maanden een intensief debat is gevoerd over de (on)grondwettigheid van tal van maatregelen in de maanden maart tot en met juni?

En zijn ze vergeten dat de Raad van State die kwestie begin juni heeft beslist in het voordeel van de preciezen: bij noodverordening mag niet langer worden afgeweken van de Grondwet.

Hebben zij gemist dat de regering vóór het zomerreces van de Kamers het wetsvoorstel ‘Tijdelijke wet maatregelen Covid-19′ heeft ingediend om in de herfst over bevoegdheden te beschikken om qua mate van ingrijpen vergelijkbare maatregelen te kunnen nemen als in het voorjaar?

En is het aan hun aandacht ontsnapt dat de Kamers naar nu blijkt in maanden juli en augustus kostbare tijd hebben verdaan om die wet te behandelen? Met als gevolg dat de slagkracht van het kabinet op dit moment tamelijk beperkt is?

Er kunnen zolang die wet niet is aangenomen slechts maatregelen worden genomen die geen inbreuk maken op door de Grondwet beschermde grondrechten. Het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer is er daar slechts éen van. Een pleidooi voor een bezoekverbod komt op dit moment daarom op z’n minst weinig democratisch over.

Dit bericht is geplaatst in Tijdschrift. Bookmark de permalink.